Renault Twingo: Inrijden/starten, stoppen van de motor

Renault Twingo | Renault Twingo III (X07) Instructieboekje | Het rijden | Inrijden/starten, stoppen van de motor

Inrijden

Benzinemotor Rijd de eerste 1 000 km niet sneller dan 130 km/uur in de hoogste versnelling en laat de motor met niet meer dan 3 000 tot 3 500 tr/ min draaien.

Pas na ongeveer 3 000 km zult u over het volle vermogen van de motor kunnen beschikken.

Onderhoudsbeurten: zie het onderhoudsdocument van uw auto.

Inrijden/starten, stoppen van de motor

Stand St: "Stop en stuurslot"

Als u de sleutel uit het slot trekt en het stuur draait, hoort u een klik: de stuurinrichting is nu vergrendeld.

Bij het vrijzetten van het stuurslot draait u het stuur iets heen en weer bij het verdraaien van de sleutel.

Stand "Accessoires" A

Het contact staat af maar de accessoires, bijvoorbeeld de radio, kunnen worden gebruikt.

Stand "Contact aan" M

Het contact staat aan.

Stand D: "Starten"

Indien de motor niet aanslaat, moet u de contactsleutel terug draaien tot de controlelampjes uit gaan voor u opnieuw kunt starten.

Laat de sleutel los zodra de motor aanslaat.

Auto's met automatische transmissie Zet voor het starten de hendel in stand P.

Starten van de motor

Warme of koude motor

Bijzonderheid: als de motor wordt gestart bij een zeer lage buitentemperatuur (minder dan -10 ºC): houd het koppelingspedaal ingedrukt tot de motor draait.

Stoppen van de motor

Laat de motor stationair draaien en draai de contactsleutel terug in de stand "stuurslot".

Zet nooit het contact uit voordat de auto compleet stilstaat.

Door het stilzetten van de motor is er geen bekrachtiging meer van de remmen, stuurinrichting enz. en zijn de passieve veiligheidsorganen zoals de airbags en gordelspanners uitgeschakeld

 

Verantwoordelijkheid van de bestuurder tijdens het parkeren of stoppen van de auto

Laat nooit, zelfs niet eventjes, een kind, een afhankelijke volwassene of een dier in de auto achter als u deze verlaat.

Ze kunnen zichzelf of anderen in gevaar brengen door bijvoorbeeld de motor te starten, organen te bedienen zoals bijvoorbeeld de ruitbediening, of de portieren te vergrendelen.

Bovendien kan bij warm en/of zonnig weer de temperatuur in het interieur heel erg snel oplopen.

LEVENSGEVAAR OF GEVAAR VAN ERNSTIG LETSEL.

MEER SOORTGELIJK:

 Ford Ka+. Klimaatregeling

De klimaatregeling van de Ford Ka zorgt ervoor dat het interieur van uw auto op elk moment aangenaam blijft, ongeacht de weersomstandigheden buiten. Met eenvoudige en overzichtelijke bedieningsknoppen kunt u de gewenste temperatuur, ventilatiesnelheid en luchtstroomrichting instellen. Dit maakt het

 Renault Twingo. Achterbank

Rugleuning neerklappen: schuif de voorstoelen voldoende naar voren zet de hoofdsteunen zo laag mogelijk plaats de autogordels in hun houder (A) trek aan de bovenkant van het lipje (1) en laat de rugleuning zakken (B) Om de rugleuning terug te plaatsen, gaat u in omgekeerde volgorde te werk